Leo 'maakte' zijn eigen wereld
De echte wereld vond hij ‘eigenlijk niet zo gaaf', daarom ‘maakte' hij zijn eigen wereld. In die wereld was geen plaats voor diepgaande relaties. Door het blowen, later ook door het roken van cocaïne, raakte Leo steeds meer geïsoleerd. Vriendschappen liepen stuk en zijn verkering ging uit. Leo (26) kijkt terug en ziet wat er allemaal kapot is gegaan. Hij ziet ook waarom nu alles anders is...
Een (oudere) vriend liet Leo kennismaken met softdrugs. "Ik ben altijd nieuwsgierig geweest. In groep zeven zei ik altijd al dat ik nooit sigaretten zou roken. Twaalf jaar was ik, toen ik toch begon. Daarna dacht ik: ‘blowen doe ik echt niet'. Maar in de zomervakantie, voordat ik naar de brugklas ging, bood een blowende vriend mij een joint aan. Ik hield mezelf voor: oké, dit is nog softdrugs, verder ga ik nooit. Maar op de een of andere manier was ik altijd nieuwsgierig naar andere drugs. Door het blowen kon ik me terugtrekken. Met de echte wereld wilde ik niets te maken hebben. ‘Er even niet bij hoeven te zijn', dat was een lekker gevoel. Ik vond de echte wereld eigenlijk niet zo gaaf."
Geen zin meer Leo kwam diep vast te zitten in zijn verslaving: "Het leven maakte me op een gegeven moment niets meer uit. Tijdens een feestje bij iemand in de flat had ik een keer acht XTC pillen op en ook nog eens ontzettend veel bier gedronken. Ik liep toen over de rand van de reling, want ik had echt geen zin meer in het leven. Een paar vrienden hebben me teruggetrokken, anders had ik beneden gelegen. Zo ver ben ik gegaan." Door een vriend ging hij drugs gebruiken, maar het was ook een vriend die hem tegenhield toen hij ‘er uit wilde stappen'.
Hoge prijs Vorig jaar september is Leo voor de tweede keer opgenomen bij De Hoop. De eerste keer was hij 22 jaar. Hij had in die tijd een vriendin die veel voor hem deed. Leo gebruikte cocaïne, maar ondanks zijn verslaving bleef zijn vriendin hem trouw. Dat raakte Leo. Hij wilde voor haar, en voor zijn ouders, kappen met de drugs. Zijn vriendin bleef hem al die tijd steunen, maar hield dat op den duur niet meer vol. "Ik kan dat goed begrijpen. Met een verslaafde leven is moeilijk. Toen mijn vriendin het uitmaakte, besefte ik dat ik helemaal niets meer had. Zij bleef bouwen aan vriendschappen die we samen hadden, ik niet. Ik ging weg bij De Hoop omdat ik mijn therapie had afgerond, maar het enige dat ik ‘buiten' nog had, waren de drugs. Ik ging terug naar de vrienden die ik in dat wereldje had."
Oude leven Leo zakte terug in zijn oude leven van drugsgebruik, stelen, weer drugs kopen en opnieuw gebruiken. Zijn vrienden konden hem hierdoor niet meer vertrouwen. "Een van mijn vrienden van toen zie ik nog wel eens, maar echt contact hebben we niet meer. Daar heb ik het zelf naar gemaakt. Ik heb die vriendschap nooit op waarde geschat." Een hoge prijs: verkering uit en goede vriendschappen voorbij.
Helemaal anders In juli 2005 wordt Leo opgepakt en biecht hij al zijn criminele activiteiten op. Hij wil nu écht afkicken en laat zich, met een betere motivatie, weer opnemen bij De Hoop. Hij werkt aan zichzelf, aan relaties en aan een Relatie met een hoofdletter. Hij leert Jezus Christus kennen en ervaart een persoonlijke relatie met Hem. Bijna een jaar nadat hij voor de tweede keer is opgenomen, kijkt hij terug: "Ik heb het nu helemaal anders gedaan. Mijn behandeling was nu op mijzelf gericht. Ik heb geleerd hoe ik met mensen om moet gaan en hoe ik contacten kan leggen. Er zijn gesprekken geweest met mensen om mij heen waarin ik open en eerlijk was over wat er allemaal is gebeurd. Over mijzelf praten kon ik helemaal niet, maar ik leerde mijn gevoelens te uiten. Het is echt gaaf om bewust mee te maken dat je dingen uitspreekt naar elkaar, dat je eerlijk bent en dat relaties veranderen. Mensen vertrouwen mij nu dingen toe en dat vind ik echt super, omdat ik er nu ook mee om kan gaan. Ik wil mijn eigen verlangens opzij zetten, zodat Jezus door mij heen kan werken. Er is veel dat ik graag wil doen, maar ik wil daar goed mee om gaan. Ik wil bezig gaan met wat God op mijn pad brengt. Van Hem krijg ik de kracht om dát te doen, wat Hij me te doen geeft. Het contact met mijn ouders is nu ook goed. Mijn vader zei laatst in een gesprek: "Ik was mijn zoon kwijt, maar ik heb hem weer terug." Dat zegt veel, toch?"
|